<< terug >>
Den Helder - Heb je je peutertje eindelijk zover dat hij kiwi wil eten, komt er een acteur doodleuk vertellen dat die vitaminebommetjes paardendrollen zijn. Misschien dat het vandaag hier en daar bij het fruithapje tot discussie leidt, maar dat zal de (na)pret van het eerste Helderse peuterfestival niet drukken. Het festival in schouwburg De Kampanje bleek gisteren een schot in de roos.
Het was voor het eerst dat De Kampanje een dergelijk festijn organiseerde, maar zeker niet voor het laatst. 'Volgend jaar weer', zegt Kim Smit beslist. Zij kwam op het idee voor een speciaal festival voor twee- tot vierjarigen doordat er steeds vaker van die ukken bij kleutervoorstellingen zitten. 'Maar daar zijn ze te jong voor. Zo'n kindervoorstelling duurt te lang en vaak vinden ze het eng omdat het licht uitgaat.'
De vier uitverkochte producties die gisteren op het programma stonden, waren op maat gesneden: niet te lang, in een huiselijke opstelling en met niet te veel toeschouwers. 'Er zijn schouwburgen waar ze zo'n voorstelling in een grote zaal doen, maar dan zit je daar op rij zestien met je peuter. Ik wil het kleinschalig houden.'
Dat dat werkt, blijkt wel bij 'Poep!', de theaterversie van het populaire kinderboek over de mol die wil weten van wie de drol is die op zijn kop is geland. De drol (deze keer een rookworst) was niet van duif, want die poept tandpasta en ook niet van het paard want die laat kiwi's vallen, maar van hond, weet de vierjarige Edith Bootsman na te vertellen.
De acteurs verkleden zich op toneel, maar Edith doet het na afloop in de theaterspeeltuin, die net als ballet- en muziekworkshops eveneens een onderdeel van het festival vormt. Ze stapt er rond als olifant, maar wel een die van ijsjes houdt. Het gelukkige toeval wil dat die onbeperkt verkrijgbaar zijn in het Kinder Theater Kokkiescafé, waar de bezoekertjes ook terecht kunnen voor hotdogs, zelf versierde taartjes en pannenkoeken.
Edith doopt haar ijsje nog maar eens in een gifgroene dip. 'Ze vindt het allemaal prachtig', aldus moeder Marieke Bootsman. 'Ik vind het zelf ook heel leuk. Zo kun je ze ook al heel jong stimuleren om naar het theater te gaan.'
De meeste peuters worden begeleid door ouders, opa's en oma's zijn er maar weinig. Maar Piet en Geri Rozenberg zijn er met hun kleinkinderen Floor van drie en Dinand van twee. 'We vinden het een heel leuk initiatief. En knap hoe zo'n voorstelling in elkaar zit.'
Noordhollands Dagblad
24 maart 2005
Leeuwarden - In het begin is het spannend. We vinden het boek leuk. Heel leuk. We kennen het bijna uit ons hoofd. Wat gaan die twee mannen doen met ons lievelingsboek? We weten toch dat de hond het heeft gedaan? Wat hebben zij nog te vertellen? Iedereen is benieuwd hoe deze voorstelling op zondagmiddag in De Harmonie in Leeuwarden zal uitpakken.
De twee acteurs van Jeugdtheater Het Blauwe Huis nemen 'Over een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft' van Werner Holzwarth en Wolf Erlbruch door met het jonge publiek. Wie heeft het gedaan? Welke dieren komen voor in het verhaal?
Grootmoeders wijzen hun slimste kleinkind aan: "Hij weet het!" Moeders trachten hun verlegen dochtertje onder hun arm vandaan te lokken: "Zij heeft het gelezen!" Alle peuters weten de antwoorden. Al is een kolossale haas in kindertermen een 'konijntje'.
Hazen of konijnen, ze poepen kleine harde keuteltjes en daarover gaat het stuk. 'Ratatata' vliegen ze de mol om de oren. Handenvol rumbonen kletteren op het toneel. Kreeg de mol die op zijn hoofd? Natuurlijk niet. Met een Hema-rookworst op zijn kop onderzoekt de vriendelijke, buikige, bebrilde mol de uitwerpselen. Tandpasta van de duif, kiwi's van het paard, erwtensoep van de koe, dropjes van de geit, en chocolademousse van het varken.
Een complete maaltijd ligt voor het oprapen en de allerjongsten kunnen zich nauwelijks bedwingen. Vies en lekker liggen dichtbij elkaar bij hen. Wat door hun handen gaat, eindigt meestal in hun mond. 'Brrr…', griezelen ze mee, als de mol zijn neus haast in een grote hoop drukt. Lijkt deze op de worst? Nauwgezet noteert hij zijn bevindingen.
Van te voren hebben de spelers uitgelegd dat ze gaan doen alsof. Ze spelen dat ze beesten zijn, zoekend naar de juiste houding en stem. De kinderen moeten doen alsof ze niet weten hoe het verhaal afloopt. Dat lukt wonderwel. Hert avontuur van de theatermol is nog spannender dan het boek.
De dieren die hij ondervraagt, zien hem niet staan, hebben het te druk, duwen hem per ongeluk omver, maar uiteindelijk vindt ook hij hulp. Twee bromvliegen uit Den Haag proeven de poep ("Eten is weten!") en kennen de dader.
De rest is slapstick. Waar in het boek Bullebak rustig doorslaapt als de mol een zwart sliertje op zijn kop laat landen, ontwaakt de toneelhond. Een wilde achtervolging volgt. Gelukkig is de bullebak voor rede vatbaar. Iedereen keert huiswaarts met zijn eigen drol. Voor de kinderen is er een kleurplaat. Mits ze van de kledderboel op het toneel afblijven.
Leeuwarder Courant
17 april 2005
Gebeurtenis: kindervoorstelling 'Poep!' door Het Blauwe Huis (2+). Bewerking: Anna Bilker. Regie: Gérard Pillen. Met: Job Raaijmakers en Paul Greidanus. Gezien: 25/8 De Drohme Noorderzon, Groningen. Publiek: 120. Nog te zien: 22/10 De Tamboer, Hoogeveen. Wie zijn kindervoorstelling Poep! noemt, weet zich verzekerd van gegrinnik en gegniffel. En als die voorstelling ook nog eens is gebaseerd op het peuterboek Over een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft, dan moet het wel heel vreemd lopen wil de zaal níet vol geraken.
Toch heeft jeugdtheater Het Blauwe Huis het zich niet gemakkelijk gemaakt met het besluit de bestseller van Werner Holzwarth en Wolf Erbuch (1989) tot een kindervoorstelling te bewerken. Want alle voorleessuccessen ten spijt: het is blijft een bijzonder dun verhaaltje - een gimmick, zeg maar. En alleen al daarom is het razend knap dat Job Raaijmakers (als de mol) en Paul Greidanus (als alle andere dieren) er in slagen hun 2+ publiek op vier huilertjes na een uur lang geboeid te houden.
Menig voorlezer is immers al na een kwartiertje door de speurtocht van de kleine mol heen. De 'truc' zit vooral in de wijze waarop Poep! is vormgegeven: als een voorstelling met twee mannen die op een lange groene loper een bekend prentenboek willen naspelen. "Theater is doen alsof", leggen ze vooraf uit. "En dan doen jullie alsof jullie niet weten wie op de kop van de mol heeft gepoept."
De verkleedpartijen van Greidanus - een opdringerige duif en een neurotische haas - zijn erg goed gevonden. Er wordt so wie so lekker vet gespeeld; even lijkt het er zelfs op dat de kleine mol behept is met poepfetisjisme. Grappig is ook de verbeelding van de verschillende bolussen: rookworst, tandpasta, kiwi's, chocorozijnen, babbelaars, erwtensoep, chocoladevla.
Maar het meest knappe is toch wel de wijze waarop Het Blauwe Huis de dunne plot uit het boek weet om te bouwen tot een hilarisch slot waarin het varken alle 'poep' begint uit te smeren. Vervolgens lossen twee strontvliegen het raadsel van de poep op zodat de kleine mol wraak kan nemen op de hond van de slager. Smerig? Ja. Onsmakelijk? Beslist niet. Nooit was andermans gepoep in het theater zo aantrekkelijk om naar te kijken.
Nieuwsblad van het Noorden
27 augustus 2004